Nieuws

 

Drie generaties, één clubhart: de familie Bal over hun passie voor voetbal en DETO.

Dit keer is het een interview met drie generaties in één DETO familie: Cor (79), Corné (48) en Jesper (13) Bal. Met zo’n achternaam kan het eigenlijk niet anders dan dat je kiest voor een balsport. Als je op zaterdag op de club bent, loop je minstens één van hen tegen het lijf. We gingen in gesprek over de passie voor voetbal, liefde en inzet voor de club en het doorgeven van het stokje.

Cor, wat is er in al die jaren veranderd bij de club?

Ik ben bijna zestig jaar lid van DETO. Er is ontzettend veel veranderd. We begonnen met 2 velden. De accommodatie is flink uitgebreid. Maar ook als je het voetbal van toen en nu vergelijkt, dat is ook veranderd.

Wat is vooral hetzelfde gebleven?

Door eendracht tot overwinning, dat we het samen doen. Dat zie je bij andere clubs niet op die manier, dat is wat DETO uniek maakt.

Jesper, wat betekent het voor jou dat opa en papa hier altijd rondlopen? Voelt de club voor jou een beetje als een tweede thuis?

Ja, eigenlijk wel. Ik kom hier bijna iedere dag. En als op zaterdag niemand thuis is, dan weet ik wel dat iedereen bij DETO is.

Veel clubs kampen met een tekort aan vrijwilligers. Corné, wat drijft jou om je in te zetten als bestuurslid?

Ik voetbal al ruim veertig jaar bij DETO. Als ik zie wat DETO mij gegeven heeft, niet alleen op voetbalgebied, maar ook aan vriendschappen en ervaringen, dan vind ik dat je ook wel wat terug mag doen voor je club. Dat heb ik in al die jaren al veel gedaan, als leider, trainer, vlagger, scheidsrechter en nu als penningmeester. Een andere drijfveer is om ook anderen te kunnen laten genieten van het voetbalspel, zoals ik dat zelf ook nog steeds doe.

“Door Eendracht Tot Overwinning, dat is wat DETO uniek maakt.”

Cor, jij hebt veel taken vervuld bij DETO. Op welke manieren heb jij je ingezet in de afgelopen decennia?

Toen ik een knieblessure kreeg en niet meer kon voetballen, werd ik gevraagd voor het bestuur. Dat heb ik twee jaar gedaan. Tot ik merkte dat spelen toch wel weer kon. Ik ben gestopt met het bestuur, heb me via het derde elftal opgewerkt naar het eerste elftal met o.a. Arend Steunenberg. Uiteindelijk heb ik tot m’n 32e weer gespeeld. Toen ging het niet meer met mijn knie. En ja, toen stond het bestuur er weer… Ik heb toen 15 jaar in het bestuur gezeten.

Samen met mijn vrouw Julia heb ik jarenlang DETO Contact verzorgd, samen ook met een redactie van 10 man. Typen, stencillen, nieten. Ik ben ook lange tijd leider van het eerste elftal geweest en ik heb gezorgd voor de materialen, zoals kleding en ballen. Nu ben ik op dinsdag vaak bij de vutploeg.

Je hebt de club zien groeien. Hoe belangrijk is de, vaak onzichtbare, inzet van vrijwilligers volgens jou voor het voortbestaan van DETO?

Kijk alleen al eens op de dinsdag, wat hier door vrijwilligers wordt gedaan in de vutploeg. Dat is niet te betalen voor de club als je daarvoor mensen moet inhuren. Er wordt veel belangrijk werk verricht door vrijwilligers en het is daarnaast ook voor de onderlinge contacten heel goed.

Dit is natuurlijk wel iets wat mensen die alleen op zaterdag komen, niet zien.

Het is steeds moeilijker om mensen te vinden, bijvoorbeeld ook jeugdtrainers. Om dat te regelen, dat is geen dankbare taak.

Jesper, jij speelt nu in de 14-1. Als jij over een heel lange tijd stopt met voetballen, zou je dan net als opa en papa ook vrijwilligerswerk bij DETO willen doen?

Ja dat lijkt me dan wel leuk. Ik ben het wel eens met papa: je wilt dan ook iets terug doen voor je club. Corné: maar dat hoeft natuurlijk niet pas als hij stopt met spelen, hij kan al eerder spelbegeleider of scheidsrechter worden bijvoorbeeld.

Wat is de beste voetbaltip, of misschien wel levensles, die je van opa hebt gekregen?

Jesper: trouw zijn aan je club en je club helpen. Opa is daarin een goed voorbeeld voor mij.

Corné, hoe voelt het voor jou om samen met je vader naar een wedstrijd van Jesper te kijken?

Allereerst natuurlijk vol trots. Daarnaast kijk ik naar hoe hij voetbalt, en dan denk ik dat hij als 13-jarige verder is dan ik toen was. Dan hoop ik dat ik hem ooit in het eerste mag bewonderen. Hij heeft mij beloofd dat hij daarvoor gaat.

Hoe is het voor jou Cor, om Jesper te zien voetballen?

Ik was lang niet zo technisch als Jesper. Ik moest het meer van mijn snelheid hebben. Hij heeft de capaciteiten. Corné: ik moest het echt hebben van het harde werken.

Herken je iets van jezelf in de manier waarop Corné en Jesper het voetbal beleven?

Cor: Ze zijn nog fanatieker dan ik. Ik heb Corné nog wel een keer gered tijdens een wedstrijd.

Het was de nacompetitie in 2009, we moesten spelen bij SVZW. Xander ten Hove werd die wedstrijd met de helikopter gebracht. Corné kreeg geel en zou geschorst worden. Ik moest het formulier invullen en zei tegen de scheids: het rugnummer klopt niet. Ik gaf een ander nummer door en Corné kon de volgende wedstrijd spelen. Laat hem die wedstrijd tegen Barneveld ook nog scoren en toen gingen we door naar de beslissingswedstrijd tegen DOVO.

Welke wedstrijd waar Corné in speelde bezorgde jou de meeste zenuwen?

Dat was wel de wedstrijd tegen Barneveld in 2009. Corné: we speelden toen met het halve tweede elftal. Het was wel heel bijzonder dat we die wedstrijd toen wonnen.

Welke wedstrijd uit jouw eigen tijd staat jou het meest bij?

Cor: De kampioenswedstrijd met ON in 1965. Mijn debuut in het eerste van ON maakte ik op mijn 16e. DOS’37 had een toernooi georganiseerd. Ik werd ’s ochtends om half 10 gebeld of ik kon komen, want ON kwam spelers tekort. Ik ben snel op de fiets van Almelo naar Vriezenveen gegaan. Om 10 uur stond ik op het sportpark.

Toen ik iets later verkering kreeg met Julia, al 57 jaar mijn vrouw, belde in december de toenmalige voorzitter van DOS’37 of we een keer konden praten. Ik zei: ik kijk nog wel, want de overschrijving kon toch pas in juni. Toen kwam iets later, met Oud en Nieuw, een bestuurslid van DETO, die naast mijn schoonouders woonde. Ik werd uitgenodigd, ik zie ze nog zo zitten in het kleine bestuurskamertje. Ze hadden drinken klaarstaan, hapjes en de formulieren. We hadden een goed gesprek en ter plekke is getekend. Zo werd ik lid van DETO.

DETO betekent veel voor jullie. Jesper, kun je omschrijven wat DETO voor jou betekent?

Dat je het samen doet. Dat je samen als één team en één club mooie dingen kan bereiken.

Gaat het thuis ook veel over voetbal?

Ja, thuis veel en ook in de familie Bal gaat het als we elkaar zien altijd wel over voetbal.

Hebben jullie ook passie voor dezelfde profclubs?

Nee, maar we volgen wel alle drie Heracles. Papa en ik zijn natuurlijk voor PSV en opa voor Feyenoord. Daarin verschillen we.

Wat is de spannendste wedstrijd die jij hebt gespeeld, waar opa ook stond te kijken?

Thuis tegen de Vroomshoopse Boys in de 13-1 had ik een mooie actie. Maar mijn allermooiste actie was in de JO12-1 uit bij SVZW. Toen ging ik 6 man voorbij en toen schoot ik de bal binnen.

Als jullie met z’n drieën een wedstrijd van jou zouden nabespreken, wie heeft dan de meeste complimenten voor jou?

Ik denk opa. Papa heeft, en dat is positief hoor, altijd nog weer punten die beter kunnen.

Cor: ja, maar dat deed ik vroeger bij papa ook wel.

Stel, er komt een beslissende penalty in de laatste minuut. Wie zou hem durven nemen?

Cor: ik zou hem niet durven nemen. Ik heb ooit één penalty genomen en die schoot ik naast. Dat was meteen de laatste keer. Corné: ik wil hem wel nemen. Jesper: ja, papa is wel zo’n spits die de hele wedstrijd niks doet en dan de laatste minuut de beslissing maakt. Ik zou hem zelf trouwens ook wel durven nemen.

Corné: Ooit in een beslissende wedstrijd met DETO3, tegen Gramsbergen, miste ik. Ging die keeper voor mij staan, heel erg uitdagen. Later schoot ik de beslissende goal, toen ben ik even voor hem gaan staan juichen.

Wat is jouw mooiste wedstrijd Jesper?

Uit bij de Tubanters. We stonden 6-1 achter, met nog één kwart te spelen. We waren een beetje onder de indruk van de brutale, stadse jongens. Maar in het laatste kwart, na een preek van papa als trainer, ging het opeens goed. We hebben uiteindelijk gewonnen met 6-7! Ik ben nu een paar jaar ouder en niet meer zo snel onder de indruk. Ik durf nu wel dingen te zeggen tegen een scheids bijvoorbeeld. Daarin lijk ik wel op papa (Cor lacht).

Als je de club een cadeau zou mogen doen over een aantal jaar, wat zou dat dan zijn?

Cor: de accommodatie aanpassen aan de eisen van de tijd en kunstgras op het hoofdveld.

Corné: uitbreiding van de faciliteiten. Een bestuurskamer en vergaderruimtes op de verdieping en daardoor meer ruimte voor de kantine, en ook meer ruimte voor fysio/ medische staf.

Jesper: dat ik speler in het eerste ben!

Jullie doen veel vrijwillig voor de club. Wat zou je willen meegeven aan leden die dat nog niet doen, welke oproep zou je willen doen?

Corné: loop eens mee met een vrijwilliger, om te kijken wat bij jou past. Zonder vrijwilligers kan jouw zoon of dochter hier niet voetballen.

Cor: daar sluit ik me bij aan. Kom bijvoorbeeld eens kijken bij de vutploeg op dinsdag en kijk wat je kunt doen.

Corné: er gebeurt hier veel meer dan mensen denken. Of ze denken: dat is niets voor mij. Maar er is voor iedereen wel iets dat past.

Cor, jij bent misschien wel een profcarrière misgelopen. Kun je dat verhaal eens aan Jesper vertellen?

We woonden toen in een naoorlogse wijk in Almelo. Mijn ouders hadden eerst nog een viszaak, daar zijn ze later mee gestopt. Ik speelde toen in een team met o.a. Morsink en Hoevenberg. Iedereen ging naar de profclub Heracles, maar ik mocht niet want ik mocht niet spelen op zondag. Ik mocht alleen spelen bij ON, want die speelden op zaterdag. Echt jammer, als ik de kans had gekregen dan had ik het graag geprobeerd.

Cor, Corné en Jesper, dank jullie wel voor dit leuke gesprek. Eén ding is nu wel duidelijk: de kleuren van de club zitten diep in hun genen. Het verhaal laat ook zien dat DETO meer is dan alleen een veld en een bal. Zoals Cor het aan het begin heeft verwoord: door eendracht tot overwinning is wat DETO uniek maakt. 

s