Nieuws
het laatste nieuws
Een gesprek over clubliefde, gedrevenheid en ambities.
Deze week een interview met een familie die niet kan ontbreken in de rij met DETO-families: de familie Van het Laar. In deze familie stroomt er geen bloed, maar rood door de aderen. Al drie generaties lang zijn zij onafscheidelijk verbonden met de club. Of het nu gaat om winnen van wedstrijden, het in goede banen leiden van de wedstrijd, of het uitzetten van de koers in de bestuurskamer; deze familie doet het allemaal. Een mooi gesprek over onvoorwaardelijke clubliefde.
Hoe is jullie familiegeschiedenis verweven met de geschiedenis van DETO?
Corné: de familiegeschiedenis van ons bij DETO begint bij onze vader Hans. Hij is begin jaren ’70 in het bestuur gekomen, tot 1995. Wij zijn opgegroeid met een vader die een bestuursfunctie had. Onze familiegeschiedenis en die van DETO, die zijn eigenlijk één. Voor Ruben en Lars en Michael en Dean geldt namelijk hetzelfde; want Richard en ik hadden ook een bestuursfunctie.

Wat hebben jullie zelf gedaan bij DETO?
Corné: ik ben rond mijn vijfde begonnen bij DETO. Ik heb tot mijn twintigste gekeept en tot mijn dertigste heb ik gevoetbald. Toen raakte ik geblesseerd en ben ik eigenlijk meteen in het bestuur gegaan. Eerst als bestuurslid en voorzitter van de supportersvereniging, daarna werd ik penningmeester en later voorzitter.
Richard: ik begon na het behalen van mijn zwemdiploma. Ik heb eerst gevoetbald en daarna gekeept. Ik heb nog een competitiewedstrijd in het eerste elftal gekeept, dat was wel een hoogtepunt. Daarna nog een paar jaar in het vijfde gespeeld en na een zware blessure en een jong gezin, ben ik gestopt. Toen onze jongste zoon Dean ging voetballen werd ik ook weer actief voor DETO. Ik werd coördinator bij de jeugd, later rolde ik in het jeugdbestuur en daar ben ik nog steeds actief voor. Ik fluit nog wedstrijden en ben ook een tijd scheidsrechterscoördinator geweest. Mijn zoons Michael en Dean zijn inmiddels gestopt, maar hebben ook vele jaren in de jeugd gespeeld. Dean als verdediger en Michael als keeper.
Ruben: ik ben ook rond mijn zevende begonnen bij DETO en ik voetbal nu nog steeds. Dit seizoen in het derde. Door een blessure en een lange buitenlandreis heb ik een tijdje minder kunnen spelen, maar ik kijk er weer naar uit dit seizoen met mijn vrienden te voetballen. Dit seizoen speel ik in DETO3. Mijn broer Lars speelt in DETO2 en behoort tot de selectie van DETO1.
Richard: niet alleen de mannen in onze familie hebben zich ingezet voor de club. Naast dat onze vader een bestuursfunctie en scheidsrechter was, stond onze moeder Ineke jarenlang achter de bar met kantinediensten. Onze vrouwen Yvonne en Nessah zijn enige jaren gastvrouw geweest in de bestuurskamer bij wedstrijden van onze 1e elftal.
Wat herinneren jullie je van je eerste jaren bij de club?
Corné: in de jeugd ben ik best vaak kampioen geworden, dat blijft je altijd bij. De jongens van toen komen nog steeds veel bij DETO. Toen ik bijna 13 was ging ik al naar de A1, al was het toen jammer genoeg wel afgelopen met die kampioenschappen.
Richard: ik had helaas minder kampioenschappen… Het seizoen in B1 was voor mij wel een hoogtepunt in de jeugd. We werden net geen kampioen, maar we hebben toen goed gepresteerd. De derde helft hebben we toen trouwens ook ontdekt.
Ruben: met de mini’s werd ik al kampioen, daarna in de F3 ook. Via C1, B1 en A1 ben ik doorgestroomd naar het derde. Ik heb nog even in het tweede gespeeld, maar raakte toen helaas geblesseerd.
Jullie zijn actief geweest, en zijn dat nog steeds, in verschillende rollen. Wat maakt het zo leuk om je actief voor je club in te zetten?
Richard: je wil toch een steentje bijdragen. Kijk eens naar de Wall of Fame hier in de businessclub. Die hoogtepunten hebben wij bewust meegemaakt als jongetje langs de lijn. Dat waren enorme evenementen, met duizenden toeschouwers en tv-opnames. Die goede tijden wil je eigenlijk ook terug. Je weet: als je je daarvoor inzet dan kun je successen behalen. Ik haal mijn genoegdoening uit het behalen van successen, van het presteren met voetbal. Voetbal associeer ik wel met presteren.
Herken je wat Richard beschrijft?
Corné: jazeker. Voor het sfeerbeeld is het goed om nog even te schetsen: wij zijn opgegroeid in de tijd dat DETO speelde tegen onder andere IJsselmeervogels. Die uitzendingen waren dan ’s avonds op tv. Dan zag je jezelf als klein jongetje terug op tv, achter de goal staan. We hadden ook bekerwedstrijden tegen bijvoorbeeld De Graafschap. Dan stond er drie- à vierduizend man langs het veld. Door die beelden wordt je gevormd. Er is maar één manier om dat te herbeleven en dat is de lat heel hoog leggen. Wij willen daar aan bijdragen. We zijn een vereniging, waarin mensen zich dus verenigen en dat betekent ook: je samen inspannen om dat doel te bereiken.
Ruben, herken jij wat je vader en oom schetsen?
Jazeker, als je ziet hoeveel vrijwilligers zich hier inzetten, daaruit blijkt
wel dat veel mensen willen helpen om de club te laten presteren. Als ik stop
met voetballen en meer tijd heb dan wil ik daar ook graag aan bijdragen.
Misschien ook een bestuursfunctie in de toekomst.
Wij weten niet beter dan dat het vanzelfsprekend is dat jij je inzet voor de club.
Wat zien jullie vanuit jullie rol, wat anderen misschien minder snel zien?
Corné: dat is een moeilijke vraag. We zien vanuit onze ervaring in ieder geval wat er allemaal voor nodig is om bij de aftrap met 11 man op het veld te kunnen staan. Dat de kleedkamer schoon is, de scheidsrechter wordt ontvangen en dat de bal is opgepompt.
Richard: dat de lijnen gekalkt zijn, de vlaggen staan, het bier koud is… Daar is veel inzet voor nodig, er zijn veel mensen bij betrokken.
Corné: dat is niet vanzelfsprekend.
Richard: het is inherent aan het spelen op hoog niveau, dat de randzaken goed zijn. Dat gaat veel verder dan het maaien van het gras. Het gaat om presteren én acteren: doen.
Wat is het mooiste dat je tot nu toe bij DETO hebt meegemaakt?
Ruben: recent de play-off wedstrijd, toen Frank Smit naar ons toegerend kwam, en we daar stonden te juichen in de hoek bij de kantine. Die dag was heel bijzonder. Als klein jongetje maakte de wedstrijd tegen WHC in Hardenberg diepe indruk op mij, dat iedereen na het eindsignaal het veld op kwam. Corné: toen kwam je nog op TV Oost
Dus de geschiedenis herhaalt zich, net als jij vroeger kwam je zoon ook op tv.
Corné: Klopt. Wat zo mooi is: bij de play-off wedsstrijd die Ruben noemt, ik weet zeker daar is veel DETO-DNA gepland. Al die kinderen langs de kant die zien hoe mooi het winnen van een wedstrijd is. Dat moet je echt beleven, zo word je een club zoals wij zijn.
Voor mij was de beslissingswedstrijd in Hardenberg ook het allermooiste moment. Alles wat we in de seizoenen daarvoor deden, was gericht op het behalen van een kampioenschap in de hoofdklasse. Dat dat is gelukt was echt ongeëvenaard.
Richard: ik kan nu natuurlijk niet meer hetzelfde moment noemen… De allereerste wedstrijd daarna, in het nieuwe seizoen, dat was ook echt bijzonder, uit naar Katwijk. En een paar wedstrijden daarna wonnen we met 4-1 van Spakenburg.
Als jeugdvoorzitter haal ik er veel genoegdoening uit hoe het nieuwe team DETO 10 voor komend seizoen er uit ziet. Dat daar twintig jongeren inzitten, waarvan meer dan de helft afkomstig van 19-2. Het is echt een teamprestatie van de organisatie en begeleiding, dat we ervoor gezorgd hebben dat er een nieuw seniorenelftal bij is gekomen.
Als jullie bij elkaar zijn, binnen hoeveel minuten gaat het dan over voetbal?
Corné: De voetbal was wel een vast gespreksonderdeel van de koffie bij onze ouders op zondagochtend. Het gaat bij ons heel vaak over voetbal. Ook bijvoorbeeld in de vriendengroep van mijn zoon, dat is ook een DETO groep.
Wat zou er in jouw leven anders zijn, als DETO er niet was?
Corné (grappend): winkelen met m’n vrouw op zaterdagmiddag.
Richard: dan zou er waarschijnlijk een andere sport zijn, wel iets met een prestatie element erbij.
Wat heeft DETO jullie gebracht, wat niet per sé iets met voetbal te maken heeft?
Ruben: mijn vrienden, die ken ik allemaal van de voetbal. Het is hier makkelijk om vrienden te maken.
Corné: ik heb er zakelijk ook zeker profijt van. Voetbal is een verbindende factor. In maatschappelijk en zakelijk verband is voetbal een mooi aanknopingspunt om een gesprek aan te gaan. Dat brengt DETO mij.
Richard: ik herken wat Ruben zegt. DETO heeft mij ook vriendschappen gebracht, die ik nog steeds heb.
Wat verstaan jullie dan onder het clubgevoel?
Richard: Dat je je met elkaar inzet om een bepaald doel te bereiken.
Corné: als je samen voetbalt, leer je elkaar goed kennen en weet je of je op iemand kunt bouwen. Wat je op het veld ziet, zie je naast het veld terug. Dat is volgens mij belangrijk in de erkenning naar elkaar toe. Als je iemand met wie je vroeger hebt gevoetbald na lange tijd weer terugziet, dan pak je de draag snel weer op met elkaar. Het van elkaar op aankunnen, dat vinden wij heel belangrijk.
Het is hier makkelijk om vrienden te maken.
Wat hebben jullie daarin van jullie vader geleerd?
Richard: een bepaalde gedrevenheid. We zijn van het aanpakken.
Ruben: dat heb ik wel van hun, ik herken dat wel.
Zien jullie daarin nog verschillen tussen de generaties?
Ruben: mijn vader en oom zijn daarin wel hetzelfde als onze opa. Ze zijn op veel momenten te vinden bij DETO. Ik heb dat op dit moment nog niet zo, maar dat komt ook wel door mijn studie enzo.
Welke dromen hebben jullie nog?
Ruben: ik wil echt nog een keer kampioen worden! Hopelijk dit jaar met DETO3.
Richard: spelen in de derde divisie, een nieuw complex en dat de O-23 een constante wordt in de doorstroom van spelers naar DETO1.
Corné: daar kan ik alleen maar mee instemmen.
Richard: ik heb nog wel een droombeeld van hoe DETO er over een jaar of twintig uit zou moeten zien. Ik denk dan aan een omnivereniging met een ontmoetingspark, met de wortels in DETO. Een ledenaantal van 2000, die wekelijks veel plezier aan sport beleven, waarbij de hoofdmoot voetbal is. Hiermee kunnen we een toonaangevende voetbalclub blijven in Overijssel.
Tot slot, als je DETO in 3 woorden moet omschrijven,
welke zouden dat voor jullie zijn?
Corné: eendracht, ambitie, presteren. Onder eendracht bedoel ik ook: het met elkaar goed hebben
Richard: rood, innovatief en creatief
Ruben: plezier, vriendschap, winnen
Als we deze slotwoorden achter elkaar plakken, dan geeft dit een heel mooi beeld van hoe de familie DETO ervaart. We zien een onvoorwaardelijke trouw aan de club en de drive om binnen én buiten de lijnen het verschil te maken. Corné, Richard en Ruben dank jullie wel voor het persoonlijke gesprek.